In het magazine schrijvenonline staat dat schrijven vooral discipline is. Daar ben ik het mee eens. Dat lukt prima als ik afspraken heb gemaakt of een strakke deadline heb, maar zodra het om mijn boek gaat ben ik geneigd uitstelgedrag te vertonen.

Als een vriendin appt of ik tijd heb voor koffie, zeg ik geen nee.

Als ik wandel met de honden en de zon schijnt, loop ik langer.

Als manlief of een van onze dochters vraagt of ik mee ga lunchen, sporten of winkelen, zeg ik; ‘Ja gezellig.’

Er is altijd wel een piepende wasmachine of een stapel handdoeken die opgevouwen moeten worden, want ik mag pas schrijven als mijn taken gedaan zijn. Soms lijkt het of ik bang ben verder te gaan en voor mezelf excuses verzin, terwijl ik eigenlijk niets liever wil dan het boek afmaken en aan jullie laten lezen.

En er is nog iets waar ik mee worstel, namelijk feedback en schrijfwedstrijden. Als ik eenmaal een verhaal af heb en ik ben er klaar voor deze te posten krijg ik gemengde gevoelens. Ik ben nieuwsgierig en angstig tegelijk. Er is nog veel te leren qua taal en grammatica, maar in hoeverre neem je de mening van iemand over als het gaat om de toon van het verhaal? Op welk moment is het niet meer mijn verhaal, mijn stijl, mijn stem?

Laatst deed ik mee aan een schrijfwedstrijd voor een bouquetverhaal en moest mijn inzending voldoen aan de typische eisen van het genre. In een doos op zolder had ik nog wat oude bouquetreeksjes liggen. Deze ging ik vol enthousiasme lezen. Ik wilde weten wat er van me verwacht werd en herontdekken hoe een verhaal in dat genre wordt opgebouwd. Daarin verloor ik mijn eigen ritme en ging ik me teveel aanpassen. Helaas zat ik niet bij de laatste tien finalisten, maar het verhaal is er en er niets mee doen is ook jammer.

Zelf uitgeven is nu het plan. Zo gebeurd toch? ISBN aanvragen, manuscript op Brave New Books zetten, coverontwerp maken en de boel promoten. Maar, toen ik het verhaal nog eens las om de laatste fouten eruit te halen besefte ik me dat ik niet meer gebonden was aan de regels van de wedstrijd. En met die vrijheid begon ik het verhaal hoofdstuk voor hoofdstuk aan te passen. En dat vereist dan weer discipline. Ik moet van mezelf elke dag even aan het verhaal werken zodat ik met mijn hoofd in het verhaal blijf, in een ritme.

Van een lieve vriendin kreeg ik de tip om een dag in te plannen als een schrijf/werkdag. Die dag ben ik wel fysiek aanwezig, maar niet beschikbaar voor de overige thuiszittende, thuiswerkende en studerende gezinsleden. Ik zwicht zelfs niet voor een vaatwasser die klaar is.

En als mijn dochters er zijn en me vragen of ik met hen een aflevering Vampire Diaries wil kijken? Uhm, tja, een mens moet wel flexibel blijven he!;)

2 thoughts on “Dance to your own rhythm

  1. Lieve Alicia, zoals ik jouw e-mail lees ben je iets vergeten. ik zou zeggen, blijf jezelf en schrijf jouw mooie verhalen zoals jij het altijd hebt gedaan. Groetjes, Fred

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.